We zijn in de Prinsekerk in Blijdorp, het is donderdagochtend. Twee dames zijn druk in de weer met kleding sorteren, opvouwen en uitstallen op lange tafels. Wijkbewoners Anneke en Fouzia werken als vrijwilliger bij de kledingbank. Elke donderdag tussen tien uur en half één is de kledingbank open voor mensen die wel iets nieuws kunnen gebruiken, maar niet zo’n dikke portemonnee hebben om alles te kopen. Het is niet de bedoeling dat je hier elke week komt om je garderobe aan te vullen; één keer in de vier weken kun je een big shopper met kleding komen halen.
Er is van alles te krijgen voor mannen, vrouwen en kinderen: jassen, schoenen, truien en broeken, maar ook ondergoed en mooie feestjurken. Fouzia houdt een glimmende galajurk omhoog en lacht: “Deze zou ik ook nog wel willen hebben maar daar ben ik te oud voor, haha!” Ze is hier jaren geleden als cliënt gekomen, toen haar kinderen nog in de groei waren. Het contact met de vrijwilligers en andere cliënten vond ze zo leuk dat ze nu zelf vrijwilliger is. Anneke is in contact gekomen met de kledingbank toen ze zelf kleding overhad die haar niet meer paste. De meeste kleding komt binnen door mond-op-mondreclame onder wijkbewoners en via de leden van de Prinsekerk.
Op dit moment is er meer aanbod dan vraag, misschien komt dat doordat de kledingbank niet meteen zichtbaar is bij de ingang van de kerk aan de Schepenstraat 69. Bij binnenkomst moet je eerst helemaal door de kerkzaal lopen en daarachter zit de kledingbank, met uitzicht op de Statensingel. Het zaaltje is onlangs verbouwd, er ligt een nieuwe vloer en er is een nieuwe keuken. Het is de bedoeling dat er ook een ingang aan de achterzijde komt, dan is er misschien wat meer aanloop.
Meestal komen er zes tot tien cliënten op een ochtend; vandaag is er een vrouw uit Servië die een warme trainingsbroek zoekt en schoenen voor de winter. Anneke en Fouzia vertellen dat ze het goed kunnen merken als de herfst is begonnen, dan is er veel vraag naar warme kleding, vooral jassen. Als de cliënt even later vertrekt, geeft ze Anneke een dikke knuffel. “Neem je weer ’s van die lekkere Joegoslavische thee voor me mee?”, zegt Anneke.
Even later zit ik met vrijwilligerscoördinator Leen in zijn kantoortje, hij werkt twee dagen per week als diaconaal werker voor Noorderlicht Rotterdam, waar de Prinsekerk onderdeel van uitmaakt. Leen benadrukt dat de kledingbank méér is dan alleen maar het brengen en halen van gebruikte kleding. Het gaat juist om een stukje gezelligheid en ontmoeting tussen de bewoners in de wijk, als vrijwilliger of als cliënt.

